De engel op het graf van Guido Gezelle

engel Gezelle
Veel mensen zullen straks opnieuw voorbij het praalgraf van Guido Gezelle lopen op het Brugse kerkhof. Het sobere arduinen herdenkingsteken in neogotische stijl uit 1906 werd ontworpen door Gezelles vriend baron Jean-Baptiste-Emmanuel de Béthune in opdracht van het Davidsfonds. De uitvoering berustte bij Joseph Coucke, zoon van de bekende Brugse glazenier en keramiekschilder Samuel Coucke, die een atelier had in de Korte Vuldersstraat 16.

Blikvangers op het grafmonument zijn de twee grote koperen engelen met respectievelijk een citer (de dichter) en een pen om notities te maken in een boek (de taalgeleerde). Onlangs verwierf de bibliotheek het mooie uitvoeringsplan van de engel met de citer uit de verzameling van Bruggeling Maurits De Jonghe. Architect Joseph Coucke maakte de grote potloodtekening van de engel op 24 juni 1904. Aan de rand van de tekening schreef hij instructies voor de concrete realisatie van het beeld.

Het Guido Gezellearchief bewaart een uitgebreid dossier over de oprichting van Gezelles praalgraf. Daaruit blijkt dat dit plan een onderdeel was van een bredere reeks ontwerpen. De correspondentie geeft aan dat de relatie tussen Coucke en zijn opdrachtgevers niet altijd vlekkeloos verliep. Al in 1902 spreekt Baron de Béthune zijn ongenoegen uit over de traagheid van de architect. Tegen 1904 was de situatie bijzonder verzuurd. In een brief van 18 mei 1904 belooft Coucke de tekeningen tegen juni klaar te hebben, of zelfs iets vroeger als de drukte het toeliet. Op 31 augustus echter moet hij nog aanpassingen doen aan het ontwerp van het kruis. Het Davidsfonds dreigt een deurwaarder te sturen als de tekeningen niet voor de dag komen. De reactie van Coucke volgt op 2 september: De vertraging is het gevolg van de vele wijzigingen in de opdracht. Zo moesten de proporties van het beeld aangepast worden omdat de hoge kosten voor het gieten van het koper niet binnen het budget pasten. Coucke zal de acht tekeningen uiteindelijk indienen op zaterdag 3 september 1904, vergezeld van een overzicht. Alles dient na de uitvoering terug te komen naar de architect. De engelen worden hierin expliciet vermeld: “Twee tekeningen verbeeldende twee engels (naar Fra Angelico) maar die in uitvoering van eene tiende moeten verminderd worden (alles in evenredigheid behoudende).”

De engel werd dus ontworpen naar de gelijkenis van de musicerende engelen op het “tabernakel van de Vlaskammers” van Fra Angelico. Deze schilder uit de Italiaanse vroegrenaissance werd beschouwd als het summum van de christelijke kunst en had een centrale rol in de neogotische beeldtaal. Ook Gezelle was geraakt door Fra Angelico. De engel met de tamboerijn duikt op in het gedicht “De beltrommel” uit Dichtoefeningen. Volgens Eugène Van Oye hing er in Gezelles kamer in Roeselare een staalgravure van die engel. Het feit dat Gezelle nu onder een gelijkaardige engel rust, maakt de cirkel op een treffende manier rond.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: